Met plezier bewegen op niveau

Balsporten

Er bestaan veel verschillende balsporten, waaronder (zaal)voetbal, basketbal, volleybal, handbal, hockey, korfbal, tennis, squash, badminton, tafeltennis en rugby. Al deze sporten hebben hun eigen specifieke kenmerken. Zo is de basketballer vooral aan het dribbelen en draaien (pivoteren).

De volleyballer daarentegen shuffelt en springt vooral. Hockey, basketbal, voetbal, rugby en handbal zijn contactsporten, waardoor sneller een botsing ontstaat of onverwachtse bewegingen worden gemaakt. De kans op blessures is daardoor groter.

Ook de spelregels van de sport zorgen ervoor dat er andere bewegingen worden vereist van de sporter. Zo zal de handballer en basketballer zonder bal maar enkele stappen mogen zetten en mag bij rugby de bal alleen achteruit worden geworpen.

Naast deze regels vereist ook de veldgrootte een adequate handeling van de sporter. Zo is bij korfbal het speelveld een stuk kleiner dan bij hockey en voetbal. De sporter zal bij korfbal daarom andere bewegingen maken om zijn tegenstander te kunnen passeren dan bij hockey of voetbal. Tevens is de ondergrond voor bepaalde sporten verschillend. Dit stelt verschillende eisen aan het spierstelsel.

Het grasveld is zachter dan gravel of stroever dan indoorzalen (linoleum/hout). Een rotatie of een landing op het grasveld vraagt een andere spieractiviteit dan een rotatie of  landing op een linoleumvloer.

Tijdens het beoefenen van deze balsporten worden veel explosieve bewegingen gemaakt, waarbij de kans op blessures groot is. De bewegingen van bepaalde sporten, zoals het shuffelen bij volleybal of het pivoteren bij basketbal, geven een grotere kans op het zwikken van de enkels. Veel blessures aan voet, enkel, knie, heup en of rug kunnen ook voortvloeien uit een afwijkende voetstand en gangpatroon.

Vaak hebben sporters een afwijkende voetafwikkeling. Dat kan een oversupinatie landing, een onderpronatie, een overpronatie, een hiellanding en een voorvoetlanding zijn. Elke afwijking betekent een extra belasting van de voeten, enkels, onderbenen of knieën.

Bij een afwijkende voetstand/gangpatroon zijn blessures een veel voorkomend probleem tijdens het sporten. Maar ook O-benen, X-benen, holvoeten en/of een bekkenscheefstand/beenlengteverschil kunnen de oorzaak zijn. Omdat tijdens het sporten veel meer krachten inwerken, vooral hogere krachten op de voet, enkel, knie, heup en rug, kunnen  klachten ontstaan die tijdens het normale bewegen niet voorkomen. Veel sporters zijn zich er niet van bewust dat zij een afwijkende voetstand/gangpatroon hebben en lopen dan ook  vaak te lang door met een steeds terugkerende blessure.

Veel van deze klachten kunnen worden voorkomen door het dragen van goed schoeisel en/of bijvoorbeeld steunzolen, taping. Maar ook  goede voorlichting voorkomt en verhelpt klachten. De podotherapeuten van Penders Voetzorg kunnen u hierbij helpen.

Er zijn een aantal eisen waaraan een goede (sport)schoen moet voldoen:  

Schokdemping om krachten op enkels, voet, knieën en heupen te absorberen.

Hoe meer er gesprongen wordt, hoe harder de ondergrond en hoe zwaarder de landing, des te belangrijker het schokdempend vermogen van de schoenen is. Het schokdempend vermogen wordt grotendeels bepaald door de dikte en hardheid van de tussenzool. Welke dikte en hardheid vereist is, hangt onder andere af van het lichaamsgewicht. Het loop- en landingspatroon is minstens zo belangrijk. Een sporter die relatief licht is maar hoge stappen maakt en lomp landt, heeft een schoen nodig met net zoveel dempend vermogen als een zware sporter die minder opveert tijdens het lopen en een meer elastische landing vertoont. Kortom: is een sporter zwaar, dan is het goed om extra stil te staan bij de demping van de schoen.

Stabiliteit en steun om schuiven en zwikken te voorkomen.

Na het strikken van de schoen moet de hiel zo goed omsloten zijn dat er aan weerszijden geen vinger meer naast past. De hielkap moet zo hoog zijn dat deze de gehele hiel omvat. Tijdens het lopen mag de hiel niet in de hielkap op en neer schuiven.

Voldoende grip tegen uitglijden

Een fijn profiel geeft de volleyballer de meeste grip en het beste contact met de bodem. Uit onderzoek blijkt dat een draaipunt in de zool de wendbaarheid amper vergroot: zo’n draaipunt is dus niet essentieel.

Ruimte voor een steunzool

Goede sportschoenen hebben een los binnenzooltje. Dat is zo nodig te vervangen door een steunzool.

Feeling met de ondergrond

Het type ondergrond stelt specifieke eisen aan de grip (profiel, noppen) en de schokdemping (tussenzool). Voor volleybal, basketbal en korfbal in een zaal zijn indoorschoenen geschikt.

Optimaal draagcomfort

  • De lengte: Er moet een halve tot hele centimeter ruimte zijn tussen de langste teen en de neus van de schoen, zodat de voet ruimte heeft voor een goede afwikkeling. Sporters die veel wend- en keerbewegingen moeten maken, hebben de neiging om juist voor strak zittende schoenen te kiezen, omdat deze stevigheid bieden. Te strakke schoenen zullen echter snel uitlopen, waardoor de stabiliteit afneemt.
  • De breedte: De voet moet op alle plaatsen goed omsloten worden, ook om de voorvoet. Als de voet voor in de schoen gaat schuiven, ontstaan blaren. Met behulp van een vetersluiting (kruislings rijgen) kunnen de schoenen op verschillende plaatsen in verschillende mate worden aangetrokken. Klittenband en snelbindingen zijn makkelijk in gebruik, maar bieden minder mogelijkheden voor het aanpassen van de schoen aan de vorm van de voeten.
  • De hielkap: Na het strikken van de schoen moet de hiel zo goed omsloten zijn dat er aan weerszijden geen vinger meer bij past. De hielkap moet zo hoog zijn dat hij de gehele hiel omvat. Tijdens het lopen mag de hiel niet in de hielkap op en neer schuiven.
Deel |

Download brochure Sport en vrije tijd

In dit themaboekje hebben wij alle belangrijke informatie rondom dit thema gebundeld in een handig PDF document. Download het boekje nu.

Download

Bel mij voor een afspraak

Wilt u een afspraak maken? Druk dan op de knop en vul het formulier in. Een van onze medewerkers belt u dan terug op een tijdstip dat het u gelegen komt.

Bel mij